Motivatie – tennis omdat je het leuk vindt!

Op een druk tennispark in Nijmegen stonden 450 tennissende studenten in de zon een biertje te drinken naast de baan, terwijl er op de baan volop getennist werd. Een student sprak zijn dubbelpartner aan en zei: Kom, we hoeven pas over een uur de baan op, we kunnen nu nog bier drinken. Na onze wedstrijd begint het feest pas en tijdens de wedstrijd kunnen we weinig drank halen.

Dit scenario is waargebeurd en vond plaats tijdens de Nederlandse Studenten Tenniskampioenschappen in Nijmegen, een toernooi waar meer voor de gezelligheid wordt gespeeld dan om te winnen. De wedstrijden telden ook niet mee voor de officiële rating, dus veel mensen stonden ’s ochtends met een kater op de baan en ’s avonds al met een glaasje teveel op. Iedere dag was er een themafeest en er werd zelfs een biercantus gehouden. Drie dagen vol met feesten en het tennis werd er maar voor het plezier naast gedaan. De commitment van de studenten in het tennisspel leek ver te zoeken, maar de serieuze tennissers kunnen toch een voorbeeld aan ze nemen. Waarom?

Omdat de mentale instelling van de studenten om te tennissen juist is. Nu is het natuurlijk niet verstandig om bier te gaan drinken voor een wedstrijd, maar het gaat om het feit dat iemand het leuk vindt om gewoon te tennissen. De studenten keken niet naar het resultaat, maar vonden het fijn om op de baan te staan. En dat is precies de instelling die je volgens Pelletier en collega’s (1995) moet hebben om de beste prestaties te boeken.

Zes soorten motivatie bij sport

Pelletier en collega’s (1995) beschrijven 6 verschillende motivaties die een sporter kan hebben:

  • Amotivatie: je tennist zonder dat je het echt wil. Je doet het bijvoorbeeld uit beleefdheid of omdat je vriend het zo leuk vindt.
  • Externe motivatie: Je tennist omdat je er een beloning voor kan krijgen of een straf kan ontwijken. Sommige spelers tennissen alleen toernooien voor het prijzengeld bijvoorbeeld.
  • Geïnternaliseerde motivatie: Je tennist, omdat je je schuldig voelt als je het niet wil. Je stelt vrienden of ouders bijvoorbeeld enorm teleur als je stopt met tennissen (dit zie je vaak bij kinderen die teveel gepusht worden door hun ouders om een goede speler te worden).
  • Geïdentificeerde motivatie: Je tennist omdat je het nodig hebt voor een hoger doel. Zo kan tennissen of een andere sport zorgen voor stressvermindering.
  • Geïntegreerde motivatie: Je tennist omdat je zo eenmaal bent. Je bent opgegroeid met tennis en weet niet beter dan dat je het al een hele tijd speelt.
  • Intrinsieke motivatie: Je tennist omdat je het leuk vindt!

Intrinsieke motivatie zou de beste motivatie zijn om de beste tennisprestaties te halen. Dus zorg ervoor dat je niet voor beloningen tennist of omdat al je vrienden het doen. JIJ moet het leuk vinden, want zo haal je ook nog resultaten in wedstrijden.

En jij? Waarom tennis jij? Vind je het leuk? Is het je hobby of je passie? Laat het ons weten. Plaats hieronder een reactie!

Referenties:

L.G. Pelletier, M.S. Fortier, R.J. Vallerand, K.M. Tuson, N.M. Briere, and M.R. Blais (1995). Toward a new measure of intrinsic motivation, extrinsic motivation, and amotivation in sports: The sport motivation scale (SMS). Journal of Sport and Exercise, 17, 101-112.

Labels:

Trackback van jouw site.

Laat een reactie achter